Ge kèkt oew ogen uit in Oeteldonk. In een kathedraal vol mensen met rood-wit-gele dassen begon ik mijn carnaval. Heel slim dat de katholieke kerk dit volksfeest ooit adopteerde. De carnavalsmis in de Sint Jan in Den Bosch wordt net zo druk bezocht als de nachtmis met kerst. Helaas voor de kerk wordt het askruisje op Aswoensdag door een stuk minder mensen gehaald. En vasten betekent voornamelijk niet meer dagelijks liters bier drinken. Maar ik zal niet doen alsof ik roomser ben dan de paus.

                Met mijn moeder, mijn zusje en mijn man vierde ik carnaval. Ja, ook met mijn man. Mijn vaste lezers weten dat we enkele jaren geleden besloten uit elkaar te gaan. Ondanks alles hebben we elkaar echter weer gevonden. Vijftien jaar samen gooi je niet zomaar weg. Ook niet na een lange periode met heel diepe dalen. We zijn nooit gescheiden, maar ik ben wel onder mijn meisjesnaam gaan schrijven. Dat blijf ik ook doen, maar je vindt me eveneens wanneer je googelt op Sylvia Veldhuis.

                Laat het voorjaar nu maar beginnen. Mijn hoogtepunt van de winter is voorbij. Met pijn in mijn hart neem ik afscheid van de Oeteldonkse gein. Van mij mag de zon weer gaan schijnen. Ik ben de dikke truien en lange broeken zat. Rokjesdag mag komen. De vogels mogen weer gaan fluiten, de lammetjes weer huppelen in de wei en de kleine eendjes zwemmen in het water. En de Oeteldonkse kikkers, die hoor ik volgend jaar graag weer kwaken.

Heel diepe dalen

blog

1 maart 2017

Lees ook:

Blonde haren, blauwe ogen en een dikke kont
Heel diepe dalen
  • Grey Facebook Icon
  • Grey Twitter Icon
  • Grey LinkedIn Icon
  • Grey Tumblr Icon
  • Grey Pinterest Icon
  • Grey YouTube Icon
  • Grey Instagram Icon