Klappen en lopen op de maat moest ik een jaar lang. En soms mocht ik op de xylofoon of de triangel. Een stuk beter vond ik het jaar blokfluitles dat volgde, maar toch was ook dat niet wat ik ambieerde. Mijn teleurstelling over deze jaren kan overigens ook te maken hebben gehad met de docent wiens naam collectief verbasterd werd tot Seabert. Wat kunnen kinderen toch hard zijn.
                Daarna begon het echte werk. Ik mocht een instrument kiezen. Mijn buurmeisjes speelden prachtig dwarsfluit, dus ik besloot in hun voetspoor te treden. Of misschien was de populariteit van Berdien Stenberg de reden. Ik wilde in ieder geval graag net zo goed zijn als Berdien. Ik zag alleen over het hoofd dat daar jaren oefenen aan vooraf waren gegaan. Dus eindigden mijn repetities niet zelden in gil- en schreeuwpartijen. Krokodillentranen rolden daarbij over mijn wangen. Een keer was ik zelfs zo boos dat ik met mijn fluit heel hard op de leuning van een stoel sloeg. Mijn moeder was woedend om de deuk die ik in het dure instrument had geslagen.
                In een zomervakantie vertelde mijn buurvrouw trots aan mijn moeder dat haar dochter op vakantie had verzucht dat ze haar dwarsfluit miste. Ik vond het wel interessant klinken en ik wilde dat mijn moeder ook zo trots op mij was. Dus later die zomer plaatste ik dezelfde opmerking op een camping in Frankrijk. Mijn moeder keek mij bevreemd aan. Misschien is dit waarom mijn buurmeisje zondag in het Concertgebouw speelde en ik mijn fluit al jaren geleden aan de wilgen hing.

Mijn dwarsfluitcarrière

blog

22 maart 2017

Lees ook:

Alles smaakt naar meer
Mijn dwarsfluitcarrière
  • Grey Facebook Icon
  • Grey Twitter Icon
  • Grey LinkedIn Icon
  • Grey Tumblr Icon
  • Grey Pinterest Icon
  • Grey YouTube Icon
  • Grey Instagram Icon