top of page
Het schoolverlatertje
Het schoolverlatertje

verhaal

1 januari 2016

Met de ivoren briefopener, een erfstuk, snijdt hij de A4-envelop van het psychologisch instituut open. Hij is verre van achterlijk met zijn cum laude voltooide academische opleiding, maar toch is het spannend. Zijn ogen vliegen over het papier. Bla bla bla. Waar staat die uitslag? Zijn ogen blijven haken aan het getal 95. 95, een IQ van 95? Onmogelijk. Met zijn opleidingsniveau moet het zeker 120 zijn. Die psychologe heeft het vast verprutst. Tijdens het gesprek voorafgaand aan de test stoorde hij zich al aan haar. Duidelijk pas net afgestudeerd. Ongetwijfeld haar eerste baan. De aversie zal wel wederzijds geweest zijn.

 

Tijdens het onderzoek kreeg hij een vel papier met daarop een grote rechthoek. Van het schoolverlatertje moest hij doen alsof het een voetbalveld was. En ergens in dat veld was hij zijn sleutels verloren. Hij moest lijnen tekenen die de weg weergaven die hij zou lopen om zijn sleutelbos te zoeken. En dan op zo’n manier dat hij voor 99 procent zeker wist dat hij zijn sleutels zou vinden. Eitje.
                Hij begon aan de lange zijde en trok lijnen van boven naar beneden. Toen hij het hele gebied doorlopen had en er bijna geen wit meer over was op het vel papier, wilde hij hetzelfde trucje herhalen aan de korte zijde. Het was immers denkbaar dat hij zijn sleutelbos toch nog over het hoofd had gezien. Maar het hoefde niet van de psychologe. Ze knikte goedkeurend. Wat had ze dan gedacht? Dit snapt een kind.
                De lijnen liepen wel met kleine bochtjes over het veld. Rechte strepen zetten was nooit zijn sterke kant. Netjes schrijven überhaupt niet. Van zijn leraren op school kreeg hij vroeger commentaar dat hij in hiërogliefen schreef, dat ze het bijna niet konden ontcijferen. In de loop der jaren was het er niet beter op geworden. Zeker niet sinds het ongeluk waarbij zijn hand verbrijzeld was. Met een hoop operaties en oneindig revalideren werkte de hand weliswaar weer, maar die zou nooit meer helemaal naar behoren functioneren.

Zijn eigen psychologe vertelt dat zij ook verbaasd was over de uitkomst. Daarom heeft zij de antwoorden zelf nog eens geanalyseerd. In haar heeft hij een stuk meer vertrouwen. Om te beginnen omdat ze al zeker twintig jaar werkervaring heeft. Niet zo’n tuthola die net komt kijken. Zijn eigen psychologe is het niet eens met die van het instituut; hij scoort volgens haar veel hoger. Gelukkig, hij begon toch een beetje aan zichzelf te twijfelen. Ergens knaagde de angst dat hij dommer was geworden. Of misschien zelfs dat hij nooit zo slim was geweest. Dat hij zijn bul alleen maar met mazzel had behaald.
                Zijn psychologe laat zien dat hij op een aantal onderdelen precies volgens verwachting scoorde. Ergens rond de 120. Maar er waren ook delen van de test, waarop hij ver onder de maat presteerde. Zelfs maar rond de 80. Hij trekt zijn wenkbrauwen op. Dat is verdomme het IQ van een mongooltje. Zijn psychologe legt uit dat alle onderdelen waarop hij zo laag scoorde, met elkaar gemeen hebben dat hij iets met zijn handen moest doen. Lijnen trekken, blokjes neerleggen. Door zijn beperking werkt zijn hand langzamer en wat ongecoördineerd. Toch heeft hij aftrek gekregen voor tijd en voor kromme lijnen. De psychologe van het onderzoeksinstituut heeft geen intelligentie, maar handfunctie gemeten. Godzijdank, híj is in ieder geval niet degene die debiel is geworden.

Lees ook:

bottom of page